Waarom licenties geen adoptie zijn.
Opinie, door Peter Hoogland.
Microsoft passeerde eind juli dertig miljoen betaalde Copilot-stoelen. Onafhankelijke schattingen zetten het aandeel dat in een gemiddelde week echt gebruikt wordt op twintig à dertig procent. Voor al de rest betaalt een organisatie zo'n 360 dollar per jaar voor een deur die niemand opendoet.
Van buiten lijken wij het beter te doen. Ruim drie kwart van de Belgische bedrijven met meer dan 250 werknemers heeft minstens één AI-technologie in huis, goed voor een plaats in de Europese kopgroep. Vraag diezelfde werknemers of AI hen het afgelopen jaar tijd bespaarde en 48 procent zegt ja. Het wereldgemiddelde staat op 62.
We kopen AI mee met de kopgroep en gebruiken het in het peloton.
De diagnose die daarop volgt, ken ik ondertussen. Het zou aan de weerstand van de mensen liggen. Er komt een ambassadeursnetwerk en een e-learning van veertig minuten die niemand uitkijkt.
En toch heeft die niet-gebruiker vaak gelijk. Hij betaalt de leercurve vandaag, in zijn eigen agenda, terwijl de opbrengst pas volgend kwartaal op andermans dashboard verschijnt. Vergist hij zich met een model, dan staat zijn naam eronder. Doet hij niets, dan staat er niets. In een huis waar niemand hardop heeft gezegd wat mag, is stilzitten de best beveiligde keuze die er bestaat. 39 procent van de Belgische werknemers zegt extra AI-kennis nodig te hebben, 14 procent kreeg opleiding, de rest gokt.
Weerstand is dan een keurig verslag van hoe het werk in elkaar zit. Wie dat verslag leest als een karakterfout van zijn personeel, koopt volgend jaar gewoon opnieuw licenties.
Want een licentie is een sleutel, en een sleutel opent niets zolang niemand durft te zeggen welke kamers je binnen mag, met welk risico, en wie de factuur krijgt als het misloopt. Dat is ontwerpwerk. Het hoort thuis vóór de aankooporder, ver voor de communicatiecampagne erna.
Tel dus geen logins. Tel de beslissingen die vorige maand anders zijn gevallen omdat iemand zijn eigen aanname liet tegenspreken door een machine. Dat cijfer staat op geen enkele offerte, ook niet op de mijne, en precies daarom bewijst het iets.
Welke beslissing viel bij jou de voorbije maand anders door toedoen van een machine? Lukt het antwoord niet binnen de dertig seconden, dan staat je uitrol voorlopig alleen op de kostenlijn.
🔥 DRIE VERGETEN VRAGEN
1. Wie in jouw organisatie beslist wat een AI-fout kost, en weet die persoon dat zelf al?
2. Wat als je uitrol pas slaagt op het moment dat je mensen de machine durven tegenspreken, en je meetsysteem dat blijft loggen als weerstand?
3. Als drie kwart van de grote Belgische bedrijven dezelfde licenties koopt bij dezelfde handvol leveranciers, waar zit dan nog het verschil dat je aan een klant kan verkopen?
Cijfers in dit stuk
Microsoft 365 Copilot: 30 miljoen betaalde seats, Microsoft Q4 FY2026 (29 juli 2026). Wekelijks gebruik 20 à 30 procent van de betaalde seats: onafhankelijke schattingen, richtinggevend, consistent met Gartner-bevindingen 2026. Kostprijs ongebruikte seat: ca. 360 dollar per jaar.
Belgische bedrijven 250+ werknemers met minstens één AI-technologie: 76,4 procent (Statbel / Eurostat, cijfers 2025).
Tijdwinst door AI: 48 procent van de Belgische werknemers tegenover 62 procent wereldwijd (Ipsos AI Monitor, bevraging maart-april 2026).
Nood aan AI-kennis 39 procent tegenover 14 procent die opleiding kreeg: Hoge Raad voor de Werkgelegenheid, verslag AI op de Belgische arbeidsmarkt (februari 2026).